2-4. Tijd-lijn springen

De vijf blinde wijzen 4/4

Gedurende mijn reis tussen feit en fabel is het me steeds duidelijker geworden dat er geen sprake is van leugens en komplotten. Wij zijn het zelf die ‘het grote’ verhaal passend maken. Met alleen kennis van een detail ‘verzinnen’ we de rest erbij. En eenmaal verzonnen, houden we het vol. Hieronder deel 4 van mijn artikel over de blinde wijzen.

  1. Tijd-lijn springen

Ik las er voor het eerst over bij Tom Kenyon, die channelde een bericht door van de Hathors. Dit is een soort multi dimensioneel wezen dat bestaat uit kleur en frequenties. Veel van hun verhalen gaan over golven en licht, muziek en kleuren. Maar veel van hun opmerkingen gaan ook over de bijna onmogelijheid om ons iets uit te leggen in onze 3D taal. Dat we het allemaal al kunnen, niet alleen in potentie, en dat we worden tegen gehouden door de patronen waarin we gevangen zitten. Ik vind die opmerking terug bij zowel eerder genoemde Russel Targ en Yury Kronn.

Al deze gedachten inclusief die van de Hathors, gaan over non-localiteit. Ik bestudeerde dat via het gedachtegoed van Kozyrev en zijn spiegel. En omdat wij het nu eenmaal alleen kunnen begrijpen met 3D taal, materieel en causaal, leggen deze bronnen het allemaal op een soortgelijke manier uit. Beschouw, voor het gemak dus, de tijd als het aloude fluïdum, het spul dat in de zogenaamde ‘lege’ ruimte zit. Tijd kun je zien als een stroom, dat wordt uitgezonden door sterren[i]. Er is dus niet één bron van tijd. Dat is ook de reden dat het niet gelijkelijk uitstroomt in het heelal. Er is hier en daar meer of minder van, er zijn stroomversnellingen en ophopingen, er zijn ook naast elkaar bewegende stromen. Deze naast elkaar gelegen stromen zou je ook verschillende tijdlijnen kunnen noemen. En de vraag is: “als je de macht had om van de ene naar de andere over te stappen, zou je dat dan doen?”

Wanneer je de aarde kunt zien als een platte schijf, dan beinvloed je waarneming de realiteit. Op dat moment blijf je de werkelijkheid wel door je vijf gewone zintuigen waarnemen, maar je kunt ook door de illusie (van de zintuigen en de zintuiglijke werkelijkheid) heen kijken. Door het activeren van ons subtiele energie lichaam kunnen we met ons bewustzijn onszelf bewegen. Oppakken en verplaatsen in ruimte en tijd. Niet dat we daar al heel bedreven in zijn, maar het kan. Dat betekend dat als we het hier niet meer zien zitten, we ons boeltje kunnen oppakken en vertrekken. Dat is in essentie het tijdlijn springen.

Zo kun je leven in een wereld vol leugens en bedrog. Of in een wereld van onvoorwaardelijke liefde. In deze dimensionele versies van de waarheid spreken de Hathors niet van perspectieven op één zogenaamd dezelfde werkelijkheid. De Hathors stellen vast dat (weer in de parabel van de blinde wijzen) er geen olifant bestaat, maar dat we hem kiezen te maken. Je kunt ook springen naar een tijd-lijn waarin het een hert is.

Je kan dit met het bewustzijn van je fysieke lichaam als volgt begrijpen. Neem, als voorbeeld, twee tijdlijnen. Eén tijdlijn waardoor de voorspelling van planetaire uitzuivering en vernietiging uitkomt (zoals door zo velen wordt beweerd). En één andere tijdlijn die naar een nieuwe toekomst loopt. Beide tijdlijnen bestaan al en kun je waarnemen. Op eigen kracht en intentie kun je tijdlijnspringen. Je zou er goud geld mee kunnen verdienen als je het voor iemand anders kon regelen. Maar dat is niet zo, je moet het helemaal zelf doen.

Voor willekeurig tijdlijnspringen zijn we nog niet zover. We kunnen dus ook nog niet op commando van hot naar haar vliegen. Zowel niet door de ruimte als niet door de tijd. Maar als (zoals nu) de unieke kans zich voordoet dat er twee of meer tijdlijnen samenvallen, rakelings langs elkaar scheuren, of een soort van knooppunt zijn, dan hebben we genoeg in huis. We zijn immers geen materieel lichaam, we zijn multidimensioneel, tijd en ruimte zijn geen barrieres. Targ zegt daarom ook niet voor niks; het is doodeenvoudig en iedereen kan het leren. Het is gewoon een kwestie van trainen. En van Kronn kun je tot slot leren dat ‘ons’ (lichaams)water het zich her-innert, en dat we de oude taal helemaal niet nodig hebben om het nieuwe te kunnen.

 

 

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *